Stadsvernieuwing in Rotterdam

De stadsvernieuwing markeert een ongekende periode in de Rotterdamse geschiedenis. Vanaf 1974 kocht de gemeente onder de bezielende leiding van stadsvernieuwingswethouder Jan van der Ploeg verwaarloosde huizen op. In enkele tientallen jaren werden zo’n 70.000 woningen gerenoveerd of vervangen door kleinschalige nieuwbouw. Het ‘bouwen voor de buurt’ vierde hoogtij.



Het inspirerende boek Stadsvernieuwing in Rotterdam geeft inzicht in de ontwikkelingen in vijf stadsvernieuwingswijken tussen 1970 en 1990. Maar het blikt niet alleen terug: ook is er aandacht voor de betekenis die de stadsvernieuwing van toen heeft voor het tegenwoordige Rotterdam en voor de vraag hoe de toenmalige aanpak ook waardevol kan zijn voor transities in de stad van nu.



De aandacht die deze wijken rond het centrum in de jaren zeventig kregen, had vooral te maken met de barre woonomstandigheden. Anno nu zijn de stadsvernieuwingswijken geliefde woonwijken die meer en meer onderdeel worden van het ‘hippe’ Rotterdam.



Met aandacht voor de Afrikaanderwijk, het Oude Noorden, het Oude Westen, Feijenoord, Noorder Eiland en Crooswijk en  interviews met betrokkenen van destijds en huidige stadsmakers.

literatuur

De jaren '70 in Rotterdam zijn goed gedocumenteerd. Ook recent verschenen verschillende publicaties over de transformatie van de stad. In dit overzicht de belangrijkste boeken, rapporten en verslagen uit en over de jaren '70 in Rotterdam.

De publicaties 'Stadsvernieuwing Rotterdam 1974-1984, Stadsbeeld Rotterdam 1965-1982 en Stedenbouw in Rotterdam, Plannen en opstellen 1940-1981 laten zien hoe er in de jaren '80 gedacht werd over de bewogen recente stadsgeschiedenis: De stemmingsverandering van optimistische wederopbouw naar protest en ontevredenheid leidde tot een beleidsomslag en later, in de jaren '80 tot een hernieuwde belangstelling voor de stad. Kaartmateriaal en beeld uit deze waardevolle bronnen is voor de website op diverse plaatsen benut.

Recentere publicaties over Rotterdam in de jaren '70 en monografieën over onder andere Blom en Habraken completeren de literatuurlijst.